woensdag 18 juli 2012

Dag 83 - Fysiek trainen


Ik kijk nu naar een punt dat te maken heeft met fysiek bewegen en mijn weerstand hieromtrent. Ik heb mij gerealiseerd dat mijn weerstand tegenover fysiek bewegen zoals sport of andere consistente lichaamsbeweging te maken heeft met een aantal herinneringen die ik heb. Eén daarvan is van toen ik in de lagere school moest lopen rond de speelplaats in de turnles en ik telkens steken kreeg in mijn zij. Ik ervoer dit als een bijzodner pijnlijk iets en ik had het gevoel dat ik niet sneller kon lopen omdat het zo’n pijn deed. Ik eindigde altijd laatste van de groep en kreeg een afkeer van langdurige fysieke beweging. Hier ontwikkelde ik het geloof dat ik het niet kan en dat het nutteloos is en dat het ‘eigen aan mijn lichaam is’ – dus ik geef mijn lichaam de schuld. Een ander punt dat vasthangt aan mijn weerstand tegen consitente lichaamsbeweging is dat ik geloof dat als ik sport, het dan altijd ego is – en op straat zal ik ook altijd oordelen over mannen die een atletisch lichaam hebben, maar ik zal tegelijkertijd ook jaloers zijn. Dus ik plaats een perceptie als een oordeel (als superioriteit) in de weg van mezelf om ervoor te zorgen dat ik mezelf niet consistent zou toeleggen op lichaamsbeweging. Dit is vooral duidelijk omdat ik weet dat wanneer ik ofwel gelopen of getraind heb ik me daarna fysiek veel beter en sterker voel en ik me ook veel zelf-zekerder voel in mijn lichaam. Maar als het erop aankomt hier een consistent patroon van te maken, dan geef ik vroeg of laat altijd op, met het geloof dat het minder belangrijk is dan de rest en dat sport uiteindelijk toch een mindfuck is – maar dit is natuurlijk een excuus, want ik doe niet datgene wat mijn lichaam ondersteunt.

Zelf-vergeving hierover komt in mijn volgende post.     

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen