zondag 3 november 2013

Dag 262 - Van Machteloosheid naar Manipulatie

Vandaag boor ik het punt aan van: macht, machteloosheid en 'spitefulness'.

Dit is een recurrent punt in mijn proces, waarbij mijn huidige begrip van hoe dit punt in mekaar zit als volgt is: Ik druk mezelf niet uit in kritieke momenten – alsof ik geen mening heb of het voor mij allemaal eender is, maar in werkelijkheid wil ik in dat moment geen verantwoordelijkheid nemen en deze verantwoordelijkheid overlaten aan anderen. Op dat moment geef ik mijn macht weg en creëer ik het patroon van zelf-aanvaarde machteloosheid. Dit mechanisme zorgt ervoor dat ik dit opgeven van mijn macht zal willen compenseren door op een vuile manier macht over anderen te willen neerzetten – hetgeen neerkomt op sabotage en manipulatie.

Angst dimensie:

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegelaten en geaccepteerd in een moment geen beslissing willen nemen en deze beslissing overlaten aan een ander, omdat ik geen moeite wil doen om te kijken naar wat er allemaal op het spel staat en wat er allemaal moet worden overwogen in het kader ven de te nemen beslissing.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegelaten en geaccepteerd laf te zijn in dat ik mezelf ‘klein’ maak in dergelijke momenten als ‘het is mij allemaal eender’ – terwijl ik in feite geen bewuste keuze wil maken voor mezelf en wat best is voor iedereen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegelaten en geaccepteerd bang zijn dat als ik mijn stem uit – ik mogelijk op weerstand van anderen zal kunnen rekenen en ik wil hier liever niet mee te maken hebben en ga liever mee met de stroom.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegelaten en geaccepteerd mezelf te onderwerpen aan de algemene wil – in plaats van zelf te kijken naar wat er plaats vind en of dit best is voor iedereen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegelaten en geaccepteerd bang zijn om wie ik zal zijn indien ik voortdurend mijn stem geef en aangeef wat volgens mij best is voor iedereen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegelaten en geaccepteerd bang zijn dat ik vijanden zal maken als ik voortdurend zou aangeven wat mijn stem is en wat volgens mij best is voor iedereen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegelaten en geaccepteerd mij niet realiseren dat wat het geven van mijn stem betreft, ik deze onmiddellijk in het moment moet kunnen geven en ik niet altijd zal kunnen terugkomen op een genomen beslissing.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegelaten en geaccepteerd mijn stem niet willen uiten omdat ik geen zin heb om efficiënt te communiceren en alles uit te leggen – en dus zeg ik liever niets “en dat ze hetzelf uitzoeken”.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegelaten en geaccepteerd mezelf te programmeren om mijn stem niet te geven en deze bij wijze van spreken in te
slikken – omdat ik bang ben voor een mogelijk agressieve of kwade reactie van een ander, ipv mezelf te vertrouwen dat ik mezelf staande kan houden in een mogelijk conflict en kan uitleggen wat best is voor iedereen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegelaten, en geaccepteerd bang te zijn om te zeggen ‘wat ik wil’ omdat ik denk dat ik zal worden gezien als zelfzuchtig en onredelijk.

Ik engageer mezelf ertoe om wanneer e als ik mezelf zie aarzelen en niet willen beslissen – mezelf te stoppen en te ademen en mijzelf de vraag te stellen – wat is het dat ik wil in deze context en dat best is voor iedereen? – en mezelf overeenkomstig uit te drukken en mijn stem te geven.

Ik engageer mezelf ertoe om wanneer en als ik mezelf zie aarzelen omdat ik geen verantwoordelijkheid wil nemen – mezelf te stoppen en te ademen en mij te realiseren dat dit gepreprogrammeerde apathie is en ik in dit moment de macht heb om mezelf uit te drukken.

Ik engageer mezelf ertoe om wanneer en als ik mezelf zie terugkrabbelen omdat ik bang ben om iemand tegen de borst te stoten, mezelf te stoppen en te ademen en mij te realiseren dat ik niets te verliezen heb wanneer ik mezelf uit druk en net alles te verliezen heb indien ik mezelf onderdruk.

Ik engageer mezelf ertoe om wanneer en als ik mezelf zie aarzelen omdat ik denk dat het niet belangrijk is – mezelf te stoppen en te ademen en mij te realiseren da elk moment belangrijk is en het dus mijn verantwoordelijkheid is om mijn stem te geven.


Ik engageer mezelf ertoe om wanneer en als er een punt opkomt waarin ik moet zeggen, wat ik zou willen, mezelf te vertragen en in mezelf te kijken naar wat ik zou willen en te zien hoe dit functioneert in het kader van wat best is voor iedereen, en overeenkomstig mijn stem te geven.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen